Emmanuelle Job en Françoise Boelens

Choix et dilemmes dans la conservation-restauration : le cas emblématique de la maison Hap à Etterbeek

 

Emmanuelle Job et Françoise Boelens

 

La restauration de l’intérieur d’un bâtiment même classé en totalité peut être un véritable défi si celle-ci est liée à un projet de réaffectation ou, plus simplement, de mise aux normes (d’habitabilité, de confort, d’accessibilité, techniques). L’architecte en charge du projet doit faire face à de multiples contraintes. Quelle sera la destination du bâtiment ? Quelles sont les exigences programmatiques, financières ou autres du propriétaire qu’il soit public ou privé ? Ces contraintes pourraient-elles avoir un impact sur la configuration des volumes si des décors sont retrouvés lors de l’étude préalable ? Sera-t-il possible de les maintenir, de les restaurer, de les mettre en valeur, de les reconstituer, de les reconstruire, de les reconditionner ou, au contraire, faudra-t-il les dissimuler voire les démonter ?

Ces questions seront abordées à travers le cas de la maison Hap sise 508 chaussée de Wavre à Bruxelles. Elle est inscrite dans le périmètre d’un contrat de quartier durable visant à revitaliser une partie de la commune. Les projets initiés dans ce cadre ont pour objectif l’amélioration du cadre de vie et concernent essentiellement le logement, les infrastructures, les espaces publics, l’environnement, le socio-économique et la cohésion sociale. Ainsi, la maison Hap abritera un pôle inter-cultures visant à renforcer l’offre socio-culturelle par la mise à disposition de locaux et l’organisation d’activités favorisant la rencontre et le mieux-vivre ensemble entre personnes d’horizons culturels et socio-économiques variés avec une attention particulières portée aux personnes précarisées.

A la demande de la commune d’Etterbeek, la cellule Décors des monuments de l’IRPA a été appelée pour réaliser l’étude préalable des finitions décoratives intérieures et des façades. Présentant de graves défauts de stabilité et laissée inoccupée depuis les années 2000, la maison, dont le noyau primitif est daté du milieu du XIXe siècle, conserve pourtant aujourd’hui presque l’ensemble des finitions et des éléments de décors issus de la campagne de travaux entreprise en 1905. Le grand nombre d’éléments décoratifs a demandé la contribution des différents ateliers du département conservation et des laboratoires. Il s’agit donc d’une mission complexe menée par des intervenants spécialisés dans des disciplines différentes qui se sont attachés à l’étude de la stratigraphie des décors, à l’élaboration des constats d’état ainsi que des protocoles de restauration et aux analyses.

Aujourd’hui il faudra probablement faire des choix : conserver et restaurer des salons historiques qui devront être utilisés quotidiennement demandera une part de renoncements plus ou moins lourds. Le maintien des revêtements les plus fragiles comme les textiles et papiers peints, ou de structures encombrantes come les boiseries sera difficile dans le cadre de cette réaffectation car peu pratiques, difficile d’entretien, non conformes aux normes. La disposition de tous les volumes sera sans doute revue. Dès lors, le suivi du projet par la Direction des Monuments et des Sites et la mise en place d’un comité d’accompagnement sont dans ce cadre essentiels pour orienter au mieux les travaux et assurer la pérennité des qualités historiques et esthétiques de ce patrimoine architectural et décoratif classé.

 

Keuzes en dilemma's bij het restaureren van instandhouding: de emblematische casus van het huis Hap in Etterbeek

Emmanuelle Job en Françoise Boelens 

De restauratie van het interieur van een gebouw dat in zijn totaliteit beschermd is, wordt een echte uitdaging als het gaat om een herbestemmingsproject of, eenvoudiger, het aanpassen aan de normen van leefbaarheid, comfort, toegankelijkheid en technische vereisten. De verantwoordelijke architect wordt geconfronteerd met meerdere beperkingen. Wat wordt de bestemming van het gebouw? Wat zijn de programma-eisen, de financiële of andere eisen van de eigenaar, of die nu particulier of openbaar is. Hebben deze beperkingen een impact op de bouwvolumes en de ruimtes, wanneer er tijdens het vooronderzoek historische aankledingen gevonden worden? Zal het mogelijk zijn om deze te bewaren, te restaureren,  te reconstrueren, te reconstitueren, aan te passen of moeten ze aan het gezicht onttrokken of zelfs gedemonteerd worden?

Deze vragen komen aan bod bij de casus van het huis Hap gelegen aan de Waverse steenweg 508 in Brussel. Dit huis is ingeschreven binnen de perimeter van een duurzaam wijkcontract die de heropleving van dat deel van de gemeente beoogt. De projecten die in deze context worden opgezet, hebben als doel de leefomgeving te verbeteren en betreffen voornamelijk huisvesting, infrastructuur, openbare ruimte, het milieu en de culturele en socio-economische  samenhang. Het huis Hap wordt een interculturele ontmoetingsplaats om het socio-cultureel aanbod te versterken door het ter beschikking stellen van lokalen en het organiseren van activiteiten ter bevordering van de ontmoeting en beter samenleven van mensen van diverse culturele en sociaal-economische achtergronden, met bijzondere aandacht voor kwetsbare bevolkingsgroepen.

De gemeente Etterbeek gaf de opdracht voor een vooronderzoek van de decoratieve interieuraankledingen en de gevels aan de Cel Monumenten van de KIK. Er waren zware stabiliteitsproblemen en het pand stond al leeg sinds 2000.  Het huis, waarvan de kern teruggaat tot het midden van de 19de eeuw, bewaarde tot op vandaag bijna alle  interieuraankledingen en decoraties uit 1905. Het grote aantal decoratieve elementen vereiste een samenwerking met de ateliers conservatie en de laboratoria. Het werd dus een complexe zending van mensen uit verschillende disciplines, die zich toelegden op de stratigrafie van de decoraties, het opstellen van verslagen over de bewaringstoestand en van protocollen voor de restauratie en de analyses. 

Nu moeten er keuzes gemaakt worden: het bewaren en restaureren van de historische salons, die dagelijks gebruikt zullen worden, vereist meer of minder zware offers. Het behoud van fragiele aankledingen zoals textiel en behangpapier of houten structuren die veel plaats innemen, zijn problematisch met deze herbestemming. Deze interieurelementen zijn weinig praktisch, moeilijk te onderhouden en niet conform aan de normen. De dispositie van de ruimtes zal wellicht ook moeten herbekeken worden. Het opvolgen van dit project door de Directie Monumenten en het samenstellen van een begeleidingscomité zijn essentieel om de werkzaamheden te adviseren en om het behoud van de historische en esthetische kwaliteiten van dit beschermd bouwkundig erfgoed te waarborgen.